Maandelijks archief: december 2019

Stress is zooooooo 2019…

Aardige peer van uitzendbureau: “Ben jij stressbestendig Heleen?” Ik wilde zeggen: NEEEEEE, EG NIIEEEEE!!!!

In plaats daarvan gaf ik een iets genuanceerder, maar wel riskant antwoord: “Volgens mij is het helemaal niet gezond om stressbestendig te zijn”.

Peer viel even stil. Hij gaf me enigszins gelijk en zei dat ze iemand zochten die goed kan doseren. Ahum. Klinkt al beter, maar we zijn er nog niet.

Er worden steeds meer mensen ziek. Er zijn steeds meer mensen hondsmoe van al het gerace van hot naar her, van A naar B. Ze zijn uitgeput van alle verwachtingen die er zijn. Verwachtingen waar ze graag aan willen én voor hun gevoel hoogstwaarschijnlijk aan móeten voldoen, omdat ze de goede mens zijn die ze zijn en vooral niets fout willen doen uit angst voor enge consequenties.

Hoe kan het dat we als land in een situatie zitten waarin er steeds meer mensen uitvallen door stressklachten en dat er nog steeds in vacatureteksten staat dat de nieuwe frisse werknemer ‘stressbestendig’ moet zijn? Huh??

Wat gaat hier niet goed? Leven die werkgevers in een andere wereld? (JA, zit er dik in!) Hebben ze zitten slapen de afgelopen jaren? (YEP, denk het wel!) Leven zij in een wereld waarin burn-outs niet bestaan? (Das ja raar JA!) Of veel waarschijnlijker, leven zij in een wereld waarin zij hun gezicht wegdraaien van de oververmoeide werknemer? Het kop in het zand idee: Wij, nee Wij doen daar niet aan mee! Dit inclusief borstgeroffel zoals alleen King Kong dat kan.

En dan is daar ook: een burn-out? Tssss…In Afrika hebben ze toch ook geen burn-out omdat ze elke dag hun voedsel en water bij elkaar moeten sprokkelen? Dit laatste verzin ik niet. Een voormalig potentiële werkgever zei dit tegen mij. Ik heb geprobeerd deze aardige jongeman een ietsepietsie bewustwording bij te brengen, maar ach dat was dweilen met de kraan open en ik had geen zin om te dweilen. Iets met op een ander bewustzijnslevel zitten, zullen we maar zeggen.

Maar goed, ook werkgevers zijn mensen. Mensen die het, in principe, goed bedoelen. Ook zij moeten hun brood op de plank bij elkaar werken en hebben mensen nodig die ze daarbij helpen. Dus kan ik met mijn vinger alleen naar hen wijzen? Nope. Dat is niet oké. Al voelde het wel even goed, moet ik eerlijk zeggen😊. Het is hun schuld! Mijn naam is haas en ik kan er niets aan doen. Dat. Lekker makkelijk. Maar niet eerlijk.

Wat ik als frisse nieuwe werknemer kan doen, is simpelweg niet solliciteren op een vacature waarin het woord stress voorkomt. Als alle werkvinders dat nu eens doen. En masse NIET solliciteren op burn-out-ligt-op-de-loer-functies. Zolang wij gestreste banen blijven aannemen, blijven ze aangeboden worden. Net als de plofkip.

Wat een werkgever WEL kan doen is betreffende functies ont-stressen voordat ze er een vacature uitgooien. Misschien kunnen ze twee mensen aannemen? Of als je het echt heel gek wilt maken: gewoon wat minder verwachten. Want een werkgever die veel van zijn mensen verwacht, verwacht vaak ook veel van zichzelf en dat is wachten op gedoe. Dus lieve werkgever, kijk eerst naar binnen IN je organisatie alvorens je naar buiten reikt en iets van een ander vraagt. Zit alles wel snor als je stressbestendige mensen nodig hebt?

Ik? Kwetsbaar? Hoe bedoel je?

Bleg. Stom woord ‘kwetsbaar’. Het raakt iets in me. En als iets me raakt zit er een hele grote kern van waarheid in…

Kwetsbaar, zo werd ik onlangs genoemd door twee jonge, ambitieuze, op-de-inhoud managers van een bedrijf waar ik solliciteerde. Sterker nog, mijn kwetsbaarheid was één van de redenen waarom ik niet bij ze mocht komen werken. Auw. Dat deed even zeer.

(Mijn primaire en emotionele reactie na de afwijzing: ‘ha, alsof ik bere-enthousiast was om bij jullie te komen werken en zin had om elke dag op dat industrieterrein een rondje te luchten in de lunchpauze met appel en broodje kaas!! Zie ze lopen, die file wandelende kantoortweevoeters in hun pak en pakje met ‘ik-ben-belangrijk-pasje’ aan hun broek. Wat is dat toch voor soort dat elke dag tussen vier muren zit en tussen de middag naar buiten mag. Hebben ze overeenkomstige eigenschappen? Ik zeg, tijd voor wetenschappelijk onderzoek”. Tot zover mijn emotionele uitbarsting).

De uitbarsting van hierboven was ook direct mijn binnenkomer. Mijn sollicitatiegesprek begon namelijk rond lunchtijd. Ik zat braaf te wachten bij de entree van het gebouw, waar het een drukte van belang was bij de welbekende draaideur, inclusief benodigd pasje, naar binnen de vier muren in. Alle tweevoeters wilden blijkbaar graag weer aan het werk. Ze waren immers ook al 30 minuten buiten geweest. Dus ik vraag aan de manager van de weet-ik-niet-meer-precies-afdeling: “Goh, druk hier, ze hebben allemaal even lekker gelucht?” Geen idee of dat een slimme zet was. Hij grinnikte wat. Verder kwam het niet. Oeps.

Maar goed, na mijn primaire, emotionele reactie kwam de berusting en moest ik ze wel gelijk geven. Met dat kwetsbare van mij. Het verschil tussen hen en mij, tussen denken en voelen (niet dat ik nooit denk hoor, al streef ik daar wel naar😊), begon al bij het voorstelrondje. Manager 1: blablablablablablabla. Manager 2: blablablabla en oh ja blablablabla en bla. Stagiaire (mocht van mij ‘meekijken’): ik wil heel graag manager worden. Good for her. Na dit rondje zei ik: “Nu heb ik nog steeds geen idee wie jullie zijn”. Slimme zet nummer 2? … En dan wel aan mij vragen: “En Heleen, wie ben jij?” Dat. Toen had ik al op kunnen stappen.

In plaats van opstappen, stelde ik mij kwetsbaar op. Bleek achteraf. Als in, ik vertelde wie ik ben, waar ik vandaan kom, hoe ik tot dit punt gekomen ben etc. Blijkbaar is er ook zoiets als te eerlijk zijn en teveel vertellen. Dat maakte mij kwetsbaar. Ik vertelde persoonlijke dingen, terwijl zij dat niet hadden gedaan. Geen slimme zet (nummer 3😊), maar wel eerlijk. Want zo ben ik. Puur en eerlijk. Ik praat met de ander vanuit mijn gevoel, vanuit wie ik ben, niet vanuit mijn hoofd. Dat kan ik niet (meer). Mijn hoe-wil-ik-overkomen-en-wat-willen-ze-horen maskers zijn weg. Zo ging ik de draaideur door. Gewoon zoals ik ben. Tja, en dan kun je de deksel op je neus krijgen. Confronterend en tegelijkertijd een mooi leer- en groeimoment. Niets gebeurt voor niks en alles heeft een reden.

Nu ben ik beide jonge honden dankbaar dat ze me niet aan hebben genomen. Het verschil in bewustzijn was te groot. Zo kan ik het nu zien. De honden en ik leven in twee verschillende werelden. We communiceerden vanuit verschillende frequenties en dan kan het nooit een match worden. Dankbaar voor deze mooie les♥. En we gaan doorrrr!!